Overslaan naar hoofdinhoud
zoeken
zoeken

De zwarte sachembij als graadmeter voor herstel

In de jaren tachtig was de zwarte sachembij nog een algemene soort in Nederland. Inmiddels is de soort naar schatting met 87 procent afgenomen. Landschap Erfgoed Utrecht wil met behulp van de subsidie van de Nationale Bijenstrategie het leefgebied van de zwarte sachembij herstellen. Gaat goed met haar? Dan herstelt het leefgebied zich. 

Herstel van de zwarte sachembij
Wouke Willemijn van Hees, ecoloog en entomoloog, vertelt over hun aanpak op de Zuiderheide in Laren en in Kwintelooijen in Rhenen. Momenteel zijn alleen in de Kwintelooijen bij Rhenen en op de Zuiderheide nabij Hilversum kleine populaties te vinden. De enige andere populatie, in Zuid-Limburg, lijkt zich goed te handhaven. "Bijna alle zeldzame soorten zijn door ons zeldzaam gemaakt," zegt Van Hees. De oorzaak ligt niet bij de bijen zelf, maar bij veranderingen in het landschap. Door stikstofneerslag, klimaatverandering, niet-ecologisch maaibeheer en het verdwijnen van geschikte leefgebieden zijn de omstandigheden voor veel soorten verslechterd.

Opvallend genoeg geldt dat niet alleen voor specialistische soorten. "Generalisten zoals de zwarte sachembij die niet per se afhankelijk zijn van één bloem, nemen óók af." Volgens Van Hees laat dat zien hoe ingrijpend de veranderingen in het landschap zijn. Dit geldt ook voor bijna alle hommels. Door geschikte nestgelegenheid en voedselbronnen terug te brengen, moet het landschap weer ruimte bieden aan soorten die daar van nature thuishoren. Daarbij wordt de zwarte sachembij ingezet als graadmeter voor succesvol natuurherstel.

Herstel voor alle soorten
Het doel van het project is niet alleen het beschermen van één soort, maar vooral het herstellen van de omstandigheden die wilde bijen nodig hebben om te overleven. Juist daarom staat de zwarte sachembij centraal binnen het project. De soort verschijnt al vroeg in het voorjaar en reageert relatief snel op veranderingen in haar leefomgeving. Waar andere zeldzame soorten soms jarenlang nauwelijks reageren, laat de zwarte sachembij vaak al snel zien dat herstelmaatregelen effect hebben.

Verbeteren de omstandigheden voor de zwarte sachembij en gaat zij zich vestigen? Dan profiteren vaak ook andere soorten in zijn leefgebied, zoals verschillende hommels en andere voorjaarsbestuivers. De noodzakelijke condities zijn dan ook voor hen aanwezig.

Daarmee is het doel van het project vooral: het herstellen van de omstandigheden die wilde bijen nodig hebben om te overleven. Met de zwarte sachembij centraal.

Zwarte Sachembij

Resultaten monitoring
Dankzij een bijdrage vanuit de subsidieregeling Bijenlandschappen van de Nationale Bijenstrategie kunnen op de Zuiderheide en in de Kwintelooijen maatregelen worden uitgevoerd voor herstel van leefgebieden van wilde bijen.

Gebied Kwintelooijen

In de Kwintelooijen zijn daarvan al resultaten uit 2024 zichtbaar. Het voorzetten van de monitoring gaan ze met de subsidie ook doen voor de Zuiderheide. Want, ook op de Zuiderheide en in de omgeving van Rheden zijn nieuwe waarnemingen van de zwarte sachembij gedaan. Het uiteindelijke doel is om gezonde populaties op te bouwen die zich weer kunnen uitbreiden naar andere gebieden.

Concrete maatregelen

Met de subsidie worden op beide locaties concrete maatregelen uitgevoerd. In Kwintelooijen:

  • 700 vierkante meter aan bloemenweides speciaal ingericht voor de zwarte sachembij;
  • 750 m² opslag van berken verwijderd om nieuwe bloemrijke vegetaties te creëren;
  • 100 vierkante meter nestoppervlak onderhouden.

Kwintelooijen

Op de Zuiderheide:

  • 3 bestuiversakkers van elk 200 vierkante meter opnieuw ingezaaid;
  • 500 vierkante meter aan struiken aangeplant;
  • 100 vierkante meter nestoppervlak blijvend beschermd.

Maatwerk in beheer
Naast het beheer van bestaande nestlocaties zijn ook nieuwe nestgelegenheden aangelegd. Succesvol herstel vraagt volgens Van Hees om maatwerk. Niet ieder gebied is hetzelfde en ook de zwarte sachembij gebruikt verschillende voedselbronnen en leefomstandigheden. In Zuid-Limburg wordt de soort bijvoorbeeld vaak aangetroffen bij wikkeplanten en bermtaluds, terwijl zij op de Zuiderheide juist profiteert van bremstruwelen en open zand.

"Alles valt of staat bij beheer," zegt ze. "En dat kun je niet vanachter een computer bedenken."

Daarom wordt binnen het project veel aandacht besteed aan veldonderzoek en monitoring. Wat in het ene gebied werkt, hoeft niet automatisch succesvol te zijn in een ander gebied. Goed beheer begint volgens Van Hees met kijken naar wat er op dat moment daadwerkelijk gebeurt in het landschap.

Kennis delen

Een belangrijk deel van de bijenlandschappensubsidie wordt ingezet voor ecologisch onderzoek, cursussen en het verder aanscherpen van beheermaatregelen. Daarbij ligt de nadruk niet alleen op werkzaamheden in het veld, maar ook op kennisoverdracht. Boswachters en beheerders moeten begrijpen waarom bepaalde keuzes worden gemaakt en hoe zij daarop kunnen voortbouwen.

Met een glimlach noemt Van Hees dat "co-ouderschap". Het doel is dat de kennis niet afhankelijk blijft van één expert, maar wordt gedeeld door iedereen die betrokken is bij het beheer van het gebied. Tijdens cursussen over bijvriendelijk beheer leren beheerders bijvoorbeeld welke vegetatie behouden moet blijven en welke juist kan worden verwijderd. Niet iedere locatie vraagt namelijk om dezelfde aanpak, maar om maatwerk.

Ecoloog en entomoloog Wouke Willemijn van Hees

Tips & tricks voor een bijenlandschap
Voor organisaties die zelf aan de slag willen met een bijenlandschap heeft ze dan ook een duidelijke boodschap: bezuinig niet op deskundig advies. "Projecten staan of vallen met wat werkt. Laat plannen toetsen door een expert en blijf kennis uitwisselen."

Volgens Van Hees ontstaat succes vooral wanneer mensen elkaar blijven opzoeken, ervaringen delen en elkaar enthousiasmeren. Niet omdat regels dat voorschrijven, maar omdat zij zich verbonden voelen met de soorten waarmee zij hun leefomgeving delen.

Voor Van Hees heeft de zwarte sachembij ook een persoonlijke betekenis. Ze groeide op in Amerongen en kwam als scholier regelmatig in de Kwintelooijen. "Als een zeldzame soort in je eigen straat voorkomt, doe je daar je best voor," zegt ze. "Het is een vaste bewoner en buurvrouw."

Dat die aanpak resultaat kan opleveren, blijkt uit de Kwintelooijen. Op slechts 43 hectare zijn inmiddels 96 verschillende bijensoorten aangetroffen, ongeveer een derde van alle bijensoorten die in Nederland voorkomen. Volgens Van Hees laat dat ook het blijvende belang van natuurgebieden voor wilde bijen zien. In natuurgebieden komen 3 keer zoveel soorten bijen voor als elders. Ook laat het zien dat natuur veerkrachtig kan zijn wanneer leefgebieden ingericht worden met de juiste omstandigheden en zorgvuldig worden beheerd. 

Meer informatie

De Nationale Bijenstrategie voert de subsidie bijenlandschappen uit. Samen met Stichting Deltaplan Biodiversiteitsherstel beoordeelden ze alle aanvragen. Bekijk welke nieuwe bijenlandschappen subsidie kregen.