Een Aanvalsplan voor een natuurinclusieve samenleving

Demissionair Minister Carola Schouten van LNV maakte vanmiddag gelijk de sprong van natuurinclusieve landbouw naar een natuurinclusieve samenleving. Ze deed dat na ontvangst van het Aanvalsplan Versterking Landschappelijke Identiteit van Landschapselementen. “Dit is niet alleen een opdracht voor boeren, maar voor iedereen”, zegt Schouten. “Zo moet je op bouwlocaties meteen nadenken over de combinatie met groen. De natuurinclusieve samenleving moet onderdeel zijn van alle omgevingsplannen. Dat hangt niet aan één departement. Beleid moet je niet versnipperen. Net zoals je de natuur niet moet versnipperen.”

Ga naar het Aanvalsplan Landschapselementen

 

Het Aanvalsplan heeft betrekking op alle grondbezitters in het landelijke gebied, dus niet alleen boeren maar ook bedrijven, particulieren en overheden. Doel van het plan is om landschappen te vergroenen en de cultuurhistorische waarden ervan te vergroten. “Het plan legt de nadruk op houtige landschapselementen”, zegt Petra Souwerbren, directeur Natuur en Milieu Gelderland, in een toelichting. “Zoals bomen en hagen, maar ook kruidenrijke elementen langs akkers en waterlopen. Daarvan is liefst 60 procent verdwenen. Door houtige landschapselementen terug te brengen, kun je elk jaar ruim een megaton CO2 vastleggen. Veel sectoren zullen hiervan profiteren en we verwachten dat de baten veel hoger zullen zijn dan de kosten.”

 

Een fors prijskaartje

Die kosten beraamt Souwerbren op 500 miljoen euro per jaar voor aanleg en beheer van het groen, publiek-privaat te financieren via een Landschapsfonds. Een fors prijskaartje dat volgens Alex Datema, voorzitter van BoerenNatuur, vooral door de overheid wordt betaald. “Daar moeten we reëel over zijn, hoewel de private sector ook gaat bijdragen aan dit fonds”, zegt hij. “Het plan is gemaakt samen met de boeren die tweederde van de landschapselementen in het landelijk gebied beheren. Steeds meer boeren geloven in agrarisch natuurbeheer, maar dat moet ons wel mogelijk worden gemaakt. Kies je voor 10 procent meer landschapselementen of 10 extra koeien? Het moet bedrijfseconomisch wel passen.”

 

Minder knellende regelgeving

“Koppel het aan de klimaatopgave die ook de landbouw heeft”, adviseert Edwin Michiels, portefeuillehouder Natuur, Klimaat en Energie van LTO. “Vasthouden van water, binden van CO2, minder stikstofemissie, er zijn vele voordelen van meer landschapselementen, maar op de beperkte ruimte die er is, concurreren deze met landbouwgrond. De investeringen in maatschappelijke dienstverlening van boeren moeten zij wel kunnen terugverdienen. Bovendien moet de wet- en regelgeving minder knellen want alle beperkingen en verplichtingen rondom kappen en herplanten van bomen maken veel boeren terughoudend. Daarom is het goed dat dit nieuwe plan ook de bebouwde omgeving hierbij betrekt. In brede samenwerking maakt dit het plan veel sterker.”

 

Boom zoekt eigenaar

Linda Noorman, senior medewerker landschap bij de provincie Groningen, kent de praktijk: “Ons programma Bos en Hout heeft veel raakvlakken met het Aanvalsplan. Wij hebben de ambitie om op 750 hectare bomen en andere landschapselementen te planten. Variatie is hierbij belangrijk, en behoud van de landschappelijke identiteit. We hebben we een kansenkaart gemaakt waarop je ziet waar bossen kansrijk zijn, waar je lijnen in het landschap kunt aanleggen zoals groenstroken en waterlopen, beplanting langs wegen en historische routes en houtwallen. Ook kijken we naar boerenerven. Daarvan zijn er veel in Groningen. Als die elk 5 bomen planten telt dat enorm op. En we kijken naar het vergroenen van bedrijventerreinen die nu nog veel te vaak grijs en verblokt zijn. Kijk ook naar koppelkansen tussen sectoren. Het bedrijfsleven wil ook meewerken. Denk aan CO2-certificaten voor bomen. Iets als boom zoekt eigenaar. Weet ook welke soorten beplanting het meeste bijdragen aan biodiversiteit of CO2-opslag. Elk landschapselement is beter dan nog meer bieten in de grond.”

 

Haagse weerstand

Zulke slimme en creatieve oplossingen spreken Pieter van Geel, voorzitter van het Uitvoeringsoverleg Landbouw en Landgebruik van het Klimaatakkoord, wel aan. “Begin met het bedenken van slimme oplossingen zoals het vroegtijdig opnemen van landschapselementen in de plannen voor de randen van stede en dorpen”, adviseert hij. “Dat is nodig, omdat het Aanvalsplan moet worden gefinancierd vanuit een centraal fonds. Dat is een ingewikkelde constructie die doorgaans op weerstand stuit in Den Haag. De politiek wijst budgetten liever specifiek toe, maar in dit plan komt alles vanuit één fonds. Ik ben het eens met de collectieve aanpak en nu wordt het tijd voor een stevig klimaatbeleid dat eerlijk is over de kosten en structureel een plaats krijgt in de begroting. De uitvoerbaarheid van dit Aanvalsplan is heel belangrijk. Praktisch en met oog voor doelen en realisatie. Daarbij horen mijns inziens ook nieuwe inzichten om klimaatdoelstellingen te halen, zoals het inpassen van zonneparken in het landschap.”

 

‘Het landschap is geen museum’

Volgens Gert Harm ten Bolscher, gedeputeerde Landbouw en Natuur bij de provincie Overijssel en portefeuillehouder Bossensstrategie binnen IPO, verbinden landschapselementen klimaatopgaven, sectoren en de samenleving als geheel. “In Overijssel weten we dat deze elementen mensen verbinden en die gezamenlijke inspanning is nodig om de sfeer van landschappen te versterken en bijvoorbeeld gebiedsgericht te werken aan vermindering van stikstof. Dit moet ontwikkelingsgericht zijn. Het landschap moet geen museum worden. Dus meegroeien met de klimaatopgaven en verbonden aan een verdienmodel voor ondernemers. Zo kunnen we investeren in ruimtelijke kwaliteit door landschapselementen toe te voegen die goed zijn voor mens en natuur.”

 

‘We zijn één overheid’

“Als overheid moeten we niet langer denken in hokjes als natuur, cultuur of landschap”, zegt demissionair Minister Schouten. “We zijn één overheid en vanuit alle departementen moeten we invulling geven aan het nationaal programma landelijk gebied en een natuurinclusieve samenleving. Daar sluit de brede aanpak van dit plan goed op aan. Structurele financiering via een centraal fonds is een onderdeel dat ik zeker zal overbrengen op mijn ambtsopvolger. We hebben het hier over een complex vraagstuk waarvoor breed draagvlak nodig is. Wil je de hearts and minds van het grote publiek winnen? Spreek dan niet in technische termen over landschapselementen, maar noem het beestje bij zijn naam: bomen, houtwallen, heggen, mooie natuur. Dat draagt bij aan het welzijn van mensen.”

 

Kijk hieronder het webinar terug.