Overslaan naar hoofdinhoud
zoeken
zoeken

De eerste fase van De Groene Corridor: van natuurbeheer naar natuurbegeleiding

Stichting Broedplaats Gooise Meren/ AltijdWerkplaats werkt aan De Groene Corridor, een ecologische verbindingszone van Bussum tot Naarden. Dat doet zij samen met bewoners, natuurorganisaties en de gemeente Gooise Meren. In de eerste fase worden drie ecologische stepping stones of stapstenen, te weten Fort Werk IV, De Groene Long en de Gaardes, getransformeerd tot een hoogwaardig bijenlandschap.
 

Ontwikkeling bijenlandschap

In 2025 werd via initiatieven die AltijdWerkplaats faciliteert een geschatte maatschappelijke impactwaarde van 3,7 miljoen euro gerealiseerd. Een van die initiatieven is een bijenlandschap van ongeveer 90.000 vierkante meter, opgezet door initiatiefnemer Regina Berends. Zij werkt samen met de gemeente Gooise Meren aan de verbinding van leefgebieden voor bestuivers. Eva Koster is als beleidsadviseur biodiversiteit en landschap vanuit de gemeente aangehaakt.

Er wordt samengewerkt met buurtbewoners, het Goois Natuurreservaat, inheemse plantenkwekerij Flora voor Fauna, Mekologisch beheer, Natuurvereniging KNNV, de Hollandse Bijenlinie en EIS Kenniscentrum Insecten. Iedere partner levert een eigen bijdrage. Dat varieert van ecologische kennis en monitoring tot het beschikbaar stellen van inheemse plantensoorten.

“Al jaren leefde de wens om groenstroken binnen de gemeente aan elkaar te koppelen tot een corridor die niet alleen de natuur versterkt, maar ook gemeenschappen met elkaar verbindt. Een krachtig symbool van ecologisch, duurzaam, inclusief en toekomstgericht samenwerken”, zegt Berends. “Die ambitie kreeg concreet vorm toen vorig jaar een voorstel bij de gemeenteraad werd ingediend om het gebied niet door een grote externe partij te laten beheren, maar juist de kennis, betrokkenheid en ervaring van lokale organisaties centraal te stellen”, vult Koster haar aan.

Onderdeel van de Groene Long. Een looppad scheidt twee aangrenzende beheervormen: hier is conventioneel beheer. te zien.

Onderdeel van de Groene Long. Een looppad scheidt twee aangrenzende beheervormen: hier is conventioneel beheer. te zien. (Bron: Deltaplan Biodiversiteitsherstel)

Onderdeel van de Groene Long. Hier zie je ecologisch maatwerkbeheer voor het bijenlandschap

Onderdeel van de Groene Long. Hier zie je ecologisch maatwerkbeheer voor het bijenlandschap (Bron: Deltaplan Biodiversiteitsherstel)

Ontwikkeling groene corridor met subsidie

Een extra impuls volgde in het voorjaar van 2026, toen de oproep voor de subsidie voor bijenlandschappen van de Nationale Bijenstrategie werd aangekondigd. In mei 2026 werd subsidie toegekend voor werkzaamheden in De Groene Corridor.

Daarmee wordt de volgende stap gezet in de ontwikkeling van de corridor. Bewoners krijgen meer mogelijkheden om te leren over biodiversiteit en ecologisch beheer, zodat zij beter begrijpen waarom bepaalde maatregelen worden genomen. Daarnaast ondersteunen begeleiding en monitoring het project bij het volgen en verbeteren van de resultaten. Ook worden nieuwe beplantingen aangelegd en geschikte groeiplaatsen hersteld om de leefgebieden van bestuivers verder te versterken.

Onderdeel van de Groene Long. Door een deel van de vegetatie te laten staan ontstaat een aantrekkelijk leefgebied met voedsel en beschutting voor bijen en andere bestuivende insecten
Onderdeel van de Groene Long. Door een deel van de vegetatie te laten staan ontstaat een aantrekkelijk leefgebied met voedsel en beschutting voor bijen en andere bestuivende insecten (Bron: Deltaplan Biodiversiteitsherstel)

Beheer van natuur én mensen

Ecologisch beheer op de lange termijn is fundamenteel voor een bijenlandschap. Berends spreekt daarbij liever van natuurbegeleiding dan van natuurbeheer: de natuur wordt niet naar een vast beeld gestuurd, maar er wordt meebewogen met de natuurlijke ontwikkelingen in het gebied.

Daarom wordt gekozen voor maatwerk in het groenbeheer: kleinschalig, gefaseerd lappendekenbeheer. In plaats van een terrein in één keer volledig te maaien, wordt in het voorjaar ongeveer 30 procent gemaaid, in de zomer om en nabij 20 procent en in het najaar 40 tot 50 procent. Daarbij wordt zorgvuldig rekening gehouden met aanwezige en potentiële flora en fauna. De vakkennis van de uitvoerders is daarbij essentieel.

De werkzaamheden worden uitgevoerd met een zeis en een eenasser met dubbel mes. Het maaisel wordt handmatig geharkt en afgevoerd naar rillen in het gebied. Op deze manier blijven voedsel-, schuil- en nestelplekken beschikbaar voor insecten, kleine zoogdieren, amfibieën, reptielen en vogels.

Mobiliseren van kracht

Volgens Berends zit de kracht van het project niet alleen in de ecologische maatregelen, maar vooral in de mensen die eraan bijdragen. "Er zit veel energie in de samenleving die nog niet wordt benut", zegt Berends. "Wij proberen die energie in de gemeenschap te mobiliseren voor natuurherstel." De groep vrijwilligers bestaat uit mensen met uiteenlopende achtergronden, van mensen in een re-integratietraject tot gepensioneerden en buurtbewoners die graag de handen uit de mouwen steken.

Veel deelnemers sluiten aanvankelijk niet aan vanuit een specifieke interesse in biodiversiteit, maar ze raken gaandeweg enthousiast doordat zij zelf de resultaten van de maatregelen zien. Zo ontstaat een olievlekwerking waarbij steeds meer mensen zich verbonden voelen met hun leefomgeving.

Juist de combinatie van sociale en ecologische waarde maakt het project bijzonder, omdat beide elkaar voortdurend versterken. Het gaat niet alleen om het beheren van natuur, maar vooral om het actief begeleiden van mensen in hun rol als beheerder, gebruiker en ambassadeur van de natuur. Die betrokkenheid vergroot bovendien het draagvlak voor ecologisch beheer. Wanneer bewoners begrijpen waarom een berm anders wordt gemaaid of waarom vegetatie langer blijft staan, ontstaat meer begrip voor keuzes die soms afwijken van het traditionele beeld van strak groenbeheer.

Het afvoeren van maaisel door een vrijwilliger

Het afvoeren van maaisel door een vrijwilliger (Bron: Deltaplan Biodiversiteitsherstel)

Zoemend vooruit

Tegelijkertijd benadrukken Regina Berends en Eva Koster dat natuurherstel tijd kost. Waar mensen vaak snel resultaat verwachten, worden de effecten van ecologische maatregelen soms pas na jaren echt zichtbaar. Daarom zijn niet alleen financiële middelen belangrijk, maar ook langdurige aandacht en betrokkenheid. Die langdurige betrokkenheid vraagt om voldoende mensen om het project te dragen. Naarmate het project groeit, zijn meer begeleiders, coördinatoren en vrijwilligers nodig om deelnemers te ondersteunen en de impact verder te vergroten.

De ambities reiken inmiddels verder dan het huidige projectgebied en de subsidie van 2026. Op termijn willen de betrokken partijen De Groene Corridor doortrekken tot Naarden Vesting, zodat een groter netwerk van leefgebieden voor bestuivers ontstaat. Om die volgende stap mogelijk te maken, worden nieuwe financieringsmogelijkheden verkend en wordt gezocht naar partners die willen bijdragen aan de verdere ontwikkeling van het gebied.

Samen maak je meer impact

Volgens Berends kan iedereen bijdragen aan biodiversiteit, hoe klein de stap ook lijkt. Dat kan beginnen met het vergroenen van een eigen tuin, het verwijderen van verharding of het aansluiten bij een lokaal initiatief. Tegelijkertijd benadrukt zij dat samenwerking essentieel blijft. Wanneer bewoners, overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties elkaar weten te vinden, krijgen inspanningen meer effect dan wanneer iedereen afzonderlijk werkt. Juist door lokale initiatieven met elkaar te verbinden, ontstaat de schaal die nodig is om blijvende verandering te realiseren.

"Het is fantastisch dat deze subsidiemogelijkheid er is", besluit Berends. "Om echt impact te maken zijn continuïteit, professionalisering en groei nodig. Met de juiste ondersteuning kunnen lokale initiatieven uitgroeien tot bewegingen die op de lange termijn verschil maken voor natuur én samenleving."

Meer informatie

  • De Nationale Bijenstrategie voert de subsidie voor bijenlandschappen uit. Samen met Stichting Deltaplan Biodiversiteitsherstel beoordeelden ze alle aanvragen. Bekijk welke nieuwe bijenlandschappen subsidie kregen.
  • De bron van de impactwaarde is Social Handprint by MAEX, opgesteld voor AltijdWerkplaats/Broedplaats Gooise Meren. Je kunt deze waarde in detail bekijken.

Tekst: Deltaplan Biodiversiteitsherstel
Beeld: Marcus Scheper (leadfoto: het maaisel wordt door een vrijwilliger weggehark na de uitvoering van ecologisch maaibeheer); Deltaplan Biodiversiteitsherstel