Alternatieve verdienmodellen rondom Natura 2000

Welke alternatieve verdienmodellen heeft een boer rondom een Natura 2000-gebied als hij gevraagd wordt om ‘natuurvriendelijker’ te produceren? Natuur & Milieu Overijssel en Aveco de Bondt stelden deze vraag aan drie ‘echte’ boeren rondom een Natura 2000-gebied in Overijssel. Ze presenteerden de uitkomsten van hun onderzoek begin april aan de Werkgroep Verdienmodellen.

In het onderzoek zijn een aantal varianten op de huidige bedrijfsvoering doorgerekend, die aansluiten bij de ambities van de boer. Daarbij is er vanuit gegaan dat door extensivering van de bedrijfsvoering een deel van de inkomsten wegvallen. Een enkel alternatief (bijvoorbeeld alleen inzetten op bufferstroken) is onvoldoende om de gederfde inkomsten op te vangen. Alleen als het mogelijk is om alternatieven te stapelen is dit wel mogelijk. In de huidige praktijk lukt dit vaak niet door externe omstandigheden: iemand komt vanwege de afstand tot de melkfabriek niet in aanmerking voor een hogere melkprijs; het bedrijf valt buiten de zonering voor agrarisch natuurbeheer of (gedeeltelijke) bestemmingswijziging voor een neventak wordt niet toegestaan.

De onderzoekers hebben 12 aanbevelingen gedaan die er toe moeten leiden dat het wel mogelijk is om tot een schaalbaar verdienmodel rondom een N2000-gebied te komen. Een deel van deze aanbevelingen zijn door het ministerie ook al opgepakt. De werkgroep ziet voor zichzelf vooral een rol in het mogelijk maken van het effectief kunnen stapelen van beloningen, waarbij het voor boeren ook mogelijk moet zijn om reserves op te bouwen zodat ze ook in de toekomst investeringen kunnen blijven doen.

Bekijk de presentatie en het rapport

 

Meer weten?

Wil je meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met Margo Meijerink via margo@samenvoorbiodiversiteit.nl.