Overslaan naar hoofdinhoud
zoeken
zoeken

Beheer van landschapselementen als sleutel voor biodiversiteit: lessen uit de Gelderse Waard

Op 10 september 2026 was de Community of Practice Groenblauwe Dooradering van het Aanvalsplan Landschap te gast in de Gelderse Waard. In dit natuurgebied, beheerd door Stichting Twickel, zijn de lokale vogelpopulaties sterk toegenomen sinds de invoering van een nieuwe beheerstrategie. Op het biologische melkveebedrijf van Sander Tiecken ontmoetten de deelnemers elkaar om ervaringen uit te wisselen en te verkennen welke rol beheer speelt bij het versterken van biodiversiteit.

Centraal stond het thema "beheer als sleutel tot biodiversiteit". De Gelderse Waard laat zien hoe een doordachte inrichting en een gevarieerd beheer van landschapselementen natuur en landbouw kunnen samenbrengen.

Een unieke kans voor een nieuwe inrichting

De middag begon met een presentatie van Wilke Schoemaker (Stichting Twickel). Hij vertelde dat Twickel in 2018 startte met een nieuw beheerplan voor de Gelderse Waard. Doordat de pachtende boer toevallig stopte en de grond vrijkwam, ontstond een unieke situatie waarin Twickel veel vrijheid had bij de inrichting van het gebied. Uitgangspunt was dat de agrarische functie behouden bleef, en daar is het landschap ook op afgestemd. Zo is in overleg met Sander Tiecken op bepaalde plekken gekozen voor heggen in plaats van bomen, zodat hij zicht kan houden op zijn koeien vanaf zijn boerderij. De landschapselementen vielen aanvankelijk allemaal onder het ANLb, maar sommigen zijn later omgezet naar natuur, waardoor ze nu onder het SNL vallen.

Het beheer wordt uitgevoerd op basis van een GIS-kaart en een uitgebreide planning in Excel. Schoemaker plaatste daarbij een belangrijke kanttekening: zo'n planning is indicatief, en het blijft belangrijk om op de eigen intuïtie te vertrouwen. Hoe professioneler en systematischer er wordt gewerkt, hoe groter de kans dat een element over het hoofd wordt gezien. Volgens Schoemaker is dat echter geen groot probleem, omdat die elementen bij een volgende beheerronde meestal gewoon weer aan bod kunnen komen maar voegen veel toe aan het landschap. "De mooiste landschapselementen zijn vaak de elementen die je bent vergeten." De landschapselementen hebben geleid tot een sterke toename van het aantal vogels, waarbij variatie volgens hem de sleutel is.

Bekijk hier de presentatie van Wilke Schoemaker

Vogels als indicator van vooruitgang

Frank Majoor (Sovon) presenteerde vervolgens de resultaten van de vogelmonitoring in het gebied. Waar een telling voor 2018 vaak binnen één dag was afgerond, kost die nu aanzienlijk meer tijd doordat er simpelweg veel meer vogels aanwezig zijn. Dat komt mede omdat er sinds die tijd veel landschapselementen, met name heggen, zijn aangelegd wat goed zichtbaar werd op en oude en nieuwe kaart van het gebied (zie hiervoor de presentatie van Frank). Inmiddels telt het gebied meer dan vijftig soorten broedvogels, waaronder steenuil, tureluur, leeuwerik en de nachtegaal.

Vooral struweelbroeders als grasmus, gele kwikstaart en roodborsttapuit profiteren van de nieuwe inrichting. Opvallend is volgens Majoor dat juist algemene soorten sterk vooruitgaan. Ook de grauwe klauwier is in het gebied aanwezig. Deze soort leeft van grote insecten, die op hun beurt worden aangetrokken door de houtwallen.

Bekijk hier de presentatie van Frank Majoor

 

De praktijk in het veld

Tijdens de rondleiding door het gebied werden verschillende praktische lessen over aanleg en beheer besproken. Zo bleek het van belang om het beheer zoveel mogelijk te spreiden. Dat drukt de kosten en zorgt tegelijkertijd voor meer variatie in het landschap. Het gericht sturen op afzonderlijke soorten blijkt in de praktijk lastig, zeker wanneer het om grote aantallen soorten gaat. Sturen op structuur en variatie werkt dan vaak beter. Ook daarom is het van belang om variatie te behouden in de beheercyclus van verschillende elementen. 

Ook de verschillen tussen beheerregelingen kwamen aan bod. Het SNL biedt in veel gevallen meer vrijheid in het beheer dan het ANLb. Met name wanneer het onderhoud plaats mag vinden.

De bijeenkomst werd afgesloten met twee belangrijke lessen vanuit de Gelderse Waard. Allereerst is het belangrijk om elkaar de ruimte te geven om fouten te maken, omdat daar het meeste van wordt geleerd. Daarnaast hoeft niet alles natuur te worden. Ook intensievere landbouw heeft een functie binnen het landschap, zolang de combinatie tussen natuur en landbouw goed wordt vormgegeven.